SalvationInGod

vrijdag 1 juli 2016

Standvastig in Christus [3] Van perfecte positie naar perfecte werkelijkheid

Maar laat die volharding ook volledig mogen doorwerken, opdat u volmaakt bent en geheel oprecht, en in niets tekortschiet. (Jakobus 1:4)

In de vorige delen hebben we gezien dat God op een bijzondere manier werkt met betrekking tot ons geloof: Hij test het. Hij stoot er tegenaan, en juist dit stoten zorgt ervoor dat wij onszelf meer en meer gaan toevertrouwen aan Jezus Christus en Zijn volmaakte gerechtigheid. Zo zijn beproevingen tot nut van Gods kinderen. De vraag waar het vorige hoofdstuk mee af werd gesloten, luidde: Wat is Gods doel met het standvastige geloof van Zijn kinderen? In vers 4 geeft Jakobus antwoord op deze vraag.

Standvastig, volmaakt, zonder gebrek
We zien in vers 4 dat Jakobus een drietal zaken met elkaar verbindt: standvastigheid in het geloof, volmaakt en oprecht zijn en het niet tekortschieten. Vooral de laatste kan voor misverstanden zorgen. Sommige mensen gaan met dit vers aan de haal en zeggen dat een christen in materieel opzicht totaal geen gebrek hoeft te ondervinden in zijn leven. Hij heeft recht op gezondheid, een leuke baan, een leuk gezin en een hoog inkomen.
Maar dit is helemaal niet wat Jakobus zijn lezers wil meegeven! In feite gaat een verwachting van materiele voorspoed regelrecht tegen de woorden Jakobus in. Het is totaal niet te verantwoorden dat Jakobus in vers 3 schrijft over geloof – de geestelijke realiteit – en dat hij het volgende vers, zonder aankondiging, ineens een overgang maakt naar het materiële. Hij heeft het in vers 3 over geloof, en daar gaat hij in vers 4 gewoon mee door.
Laten we eens per element gaan bekijken wat Gods bedoeling is met de standvastigheid in het geloof.

1. Standvastigheid
In het vorige hoofdstuk hebben we stilgestaan bij de inhoud van standvastigheid: blijven zien op de volmaakte gerechtigheid in Jezus Christus. Hem zien in Zijn sterven en opstanding. In dát gelovig zien rekent God ons de volmaakte gerechtigheid van Christus toe. Wij bezitten het niet van onszelf, wij ontvangen het; zonder ook maar één verdienstelijk werk van ons vergeeft God al onze zonden en schenkt ons de gerechtigheid van Christus.
We zagen in het vorige hoofdstuk dat God dit geloof test, wat tot gevolg heeft dat Gods kinderen zich steeds meer zullen vastklampen aan Jezus. Hier gaat het om; dit is het onderwerp van Gods test.

2. Volmaakt en oprecht
Vervolgens zien we Jakobus de overgang maken van standvastigheid naar volmaakt en oprecht. God vraagt van ons dat Zijn kinderen volmaakt en oprecht zijn. En het is de standvastigheid die dit volgens Jakobus moet bewerkstelligen. Maar betekent dit dan dat een christen in dit leven alle geestelijke problemen kan oplossen en dat hij dan niet meer zondigt?
Nee, dat is niet de boodschap die Jakobus hier voor ons heeft. Ik denk dat hij hier het vizier van het geloof verbreed. Hij kijkt naar de grote dag, dat Jezus Christus zal terugkomen. Want dán zal geopenbaard worden wat hij hier beschrijft. Wanneer Jezus terugkomt, zullen Zijn kinderen volmaakt zijn. Geen zonde, geen smet, geen vlek – ook geen stipje! Zij zullen geheel volmaakt zijn.
Gods kinderen zijn positioneel in Jezus Christus volmaakt; in Hem lijden zij totaal geen gebrek aan geestelijke zegeningen! Kijk maar eens in Efeze 1:3-14:

“Gezegend zij de God en Vader van onze Heere Jezus Christus, Die ons gezegend heeft met alle geestelijke zegen in de hemelse gewesten in Christus, omdat Hij ons vóór de grondlegging der wereld in Hem uitverkoren heeft, opdat wij heilig en smetteloos voor Hem zouden zijn in de liefde. Hij heeft ons voorbestemd om als Zijn kinderen aangenomen te worden, door Jezus Christus, in Zichzelf, overeenkomstig het welbehagen van Zijn wil, tot lof van de heerlijkheid van Zijn genade, waarmee Hij ons begenadigd heeft in de Geliefde. In Hem hebben wij de verlossing, door Zijn bloed, namelijk de vergeving van de overtredingen, overeenkomstig de rijkdom van Zijn genade, die Hij ons overvloedig geschonken heeft, in alle wijsheid en bedachtzaamheid, toen Hij ons, overeenkomstig Zijn welbehagen, dat Hij in Zichzelf voorgenomen had, het geheimenis van Zijn wil bekendmaakte, om in de bedeling van de volheid van de tijden alles weer in Christus bijeen te brengen, zowel wat in de hemel als wat op de aarde is. In Hem zijn wij ook een erfdeel geworden, wij, die daartoe voorbestemd waren, naar het voornemen van Hem Die alle dingen werkt overeenkomstig de raad van Zijn wil, opdat wij tot lof van Zijn heerlijkheid zouden zijn, wij, die al eerder op onze hoop op Christus gevestigd hadden. In Hem bent ook u, nadat het Woord van de waarheid, namelijk het Evangelie van uw zaligheid, gehoord hebt; in Hem bent u ook, toen u tot geloof kwam, verzegeld met de Heilige Geest van de belofte, Die het onderpand is van onze erfenis, tot de verlossing die ons ten deel viel, tot lof van Zijn heerlijkheid.”

3. Niet tekortschieten
Maar Jakobus doet nog wat anders. Want hoewel ik denk dat hij het moment van Christus’ wederkomst in gedachten heeft, is het ook volkomen gerechtvaardigd te stellen dat hij ook naar het hier en nu kijkt. Hij laat de gelovigen naar de geestelijke realiteit van dit moment kijken. Hoe doet hij dat?
Door Gods kinderen aan te moedigen dat zij in de beproevingen steeds weer op Christus zullen zien; dat zij zich steeds meer aan Hem zullen vastgrijpen. Hij zegt: “…[opdat u] in niets tekortschiet.” Eigenlijk zegt hij: “Kijk naar de geestelijke zegen die God jou nu al in Christus geschonken heeft! Je hebt alles al wat je nodig hebt voor jouw geestelijk leven; je hebt alles wat nodig is om te volharden in geloof! En dit alles is mogelijk gemaakt door het verzoeningswerk van Jezus Christus, door Zijn sterven en opstanding!” Met andere woorden: elke geestelijke zegening die Paulus in Efeze 1:3-14 noemt, is voor Gods kinderen – in geestelijk opzicht – al realiteit! Zien wij het? Nee, we zien het nog niet. Maar het zal geopenbaard worden wanneer Jezus terugkomt! Maar als wij met geestelijke ogen mogen zien dat wij nu positioneel en straks bevindelijk volmaakt zullen zijn, kunnen wij in dít geloof wandelen.

Volmaakt in Christus wanneer wij trouw op Hem blijven zien
Wat een heerlijke en bevrijdende boodschap is dit voor Gods kinderen in tijden van beproeving! Als God tegen jouw geloof stoot om het sterker te maken, kijk dan naar Jezus, Die door Zijn verzoeningswerk alles heeft geschonken om in geloof met Hem te wandelen! Wil je volmaakt zijn? Wil je perfectie bereiken? Blijf dan zien op Christus! Blijf voortdurend vertrouwen op Zijn verzoeningswerk voor jou en Zijn volmaakte gerechtigheid. Ook Paulus schrijft hierover in Kolossenzen 1:21-23:

“En Hij heeft u, die voorheen vervreemd was en vijandig gezind, zoals bleek uit uw slechte daden, nu ook verzoend, in het lichaam van Zijn vlees, door de dood, om u heilig en smetteloos en onberispelijk voor Zich te plaatsen, als u tenminste in het geloof blijft, gefundeerd en vast, en u niet laat afbrengen van de hoop van het Evangelie, dat u gehoord hebt, dat gepredikt is in de hele schepping die onder de hemel is, waarvan ik, Paulus, een dienaar geworden ben.”

Gods kinderen zullen werkelijk de volmaaktheid, de perfectie gaan ervaren die God voor hen heeft klaarliggen, als zij blijven vasthouden aan de volmaakte gerechtigheid in Jezus Christus. Dát is de christelijke hoop!

Tegelijkertijd is het een aangevochten hoop. De hoop is de ene keer sterker dan de andere keer. Beproevingen kunnen – zoals ook al in deel 1 kort is aangestipt – onze blik op God vertroebelen. We kunnen vragen krijgen, zonder antwoorden te vinden. We kunnen het idee hebben God Zelf kwijt te zijn. Maar ook voor mensen die dit in hun leven ervaren, heeft Jakobus een bemoedigend en hoopvol woord. Welk hoopvol woord dit precies is, hopen we later te behandelen.

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Reageren? Plaats hier uw vraag en/of opmerking.

Blogarchief