SalvationInGod

maandag 9 januari 2017

Read & Apply #41 Een Evangelie dat afrekent met het oude leven

Galaten 4:8-11


Daar waar we in het vorige deel nog triomfantelijk hebben gekeken naar en genoten van de statuswisseling door het Evangelie, slaat de sfeer van het gedeelte van vers 8-11 om. Geen triomfantelijke woorden bij Paulus, maar openlijke twijfels. Twijfels over het geloof in de Heere Jezus bij de Galaten. Een gedeelte dat ook voor vandaag uiterst actueel is, maar vanuit ongemakken en ongezeggelijkheid liever wordt gemeden.

1. Levensverandering vanuit het geloof in Christus is noodzakelijk
In vers 8 gaat Paulus verder over de statuswisseling die het Evangelie heeft voortgebracht. Gelovigen zijn geen slaven meer, maar zonen – kinderen van God. Dit heeft niet alleen positioneel gevolgen – vrijspraak en rechtvaardiging voor God – maar ook praktische. Hier laat Paulus geen enkele twijfels over bestaan:

“Maar destijds, toen u God niet kende, diende u hen die van nature geen goden zijn...”

We zien hier een duidelijke streep lopen. Eerst kenden de Galaten God niet. Dit impliceert dat zij Hem nu wel kennen. Met andere woorden: voordat zij God kenden, dienden zij Hem niet. Zij dienden die dingen waarvan Paulus zegt dat het van nature geen goden zijn. Maar nu zij God wel kennen, dienen zij Hem. Het geloof in Jezus Christus heeft gevolgen voor iemands levensstijl. Jouw houding naar God toe verandert als jij in de Heere Jezus gaat geloven. Er komt een duidelijke grens tussen de tijd zonder God en de tijd met God. Tenminste...

2. Gelovigen kunnen terugkeren naar het oude leven
Als we vers 9 en 10 goed op ons in laten werken, zien we dat Paulus nog helemaal niet zo zeker is van deze verandering:

“...en nu u God kent, ja wat meer is, door God gekend bent, hoe kunt u weer terugkeren naar de zwakke en arme grondbeginselen, die u weer van voren af aan wilt dienen?”

Paulus kijkt naar het leven van de Galaten voordat zij God kenden en ziet dan afgodendienst. Geen dienst aan de God en Vader van de Heere Jezus Christus, maar vooral dienst aan zichzelf. Hij kijkt naar het leven van de Galaten nu en ziet... terugval! Opnieuw geen dienst aan God door het geloof in Jezus Christus, maar een wettisch leven dat rechtvaardigheid wil verkrijgen door de werken van de Wet. En zo zijn zij weer terug bij af; zo schiet het niets op!
We zien hier, net als in vers 3, het woord “grondbeginselen”, dat wederom verwijst naar het verkrijgen van gerechtigheid voor God buiten de Heere Jezus om.
Paulus vraagt hier bezorgd en in alle ernst: “Willen jullie weer terugkeren naar waar jullie vandaan gekomen zijn? Jullie kennen nu God toch door Jezus Christus? Jullie zijn toch ook door Hem gekend omdat jullie in Zijn Zoon als de Belofte geloven? Waar zijn jullie nu dan toch mee bezig?!”
Denk niet dat de Galaten kortzichtig of dom waren. Iedereen kan terugvallen op een punt dat er nauwelijks verschil zichtbaar is tussen het oude en nieuwe leven. Ik, jij, wij lopen allemaal het gevaar om vanwege een verkeerde leer of het koesteren van een oude gewoonte terug te vallen. Dit moeten we echter niet als norm gaan zien en daarom spreekt Paulus hier zijn grote bezorgdheid over uit.

3. Bij terugval is de vraag gerechtvaardigd of iemand tot geloof gekomen is
Deze bezorgdheid is volkomen terecht, omdat het hier niet over een bijzaak gaat. Ging het maar over een bijzaak!
Maar in plaats daarvan gaat het om de kern van het Evangelie. Het gaat om de kern van het verlossingswerk van Jezus Christus. Het gaat om de kern van het christelijk geloof. En bij de bedreiging van de kern is elke twijfel gerechtvaardigd. Paulus vraagt zich in dit gedeelte af of de Galaten werkelijk tot geloof in Christus gekomen zijn. Kijk maar naar vers 10 en 11:

“U houdt zich aan dagen, maanden, tijden en jaren. Ik vrees voor u dat ik mij misschien tevergeefs voor u ingespannen heb.”

Het is onze tijd bijzonder ingewikkeld en bijna een uitgestorven gebruik geworden binnen de kerk: op de man af vragen hoe het geloof in Christus op dit moment functioneert.
Dat vinden we tegenwoordig teveel bemoeienis; bemoei je lekker met je eigen zaken! Was het maar jouw eigen zaak! Maar dat is het niet. Het is de zaak van Christus die hier op het spel staat. En de Kerk van Jezus Christus heeft de taak om de zaak van Jezus Christus te bewaken en beschermen met de middelen die Hij hiervoor gegeven heeft. Welke middelen bedoel ik dan? Ik denk aan zelfonderzoek en de kerkelijke tucht. Beide zaken lijken in de eenentwintigste eeuw onder een dikke laag stof te zijn verdwenen. En dit heeft tot gevolg dat er vandaag de dag vele mensen in de kerkbanken zitten die er net zo bij zitten als de Galaten, maar die denken dat zij in Christus geloven. En dat niet alleen – zij worden ook nog eens gerechtvaardigd in deze gedachte, omdat niemand hen hierop aanspreekt of hen op dit punt bevraagt.
Als er één praktisch punt helder wordt vanuit dit tekstgedeelte, dan is het wel dat bij twijfel over iemands geloof ingegrepen moet worden! We begaan een ontzettende fout wanneer wij denken dat iedereen in de kerk vrij kan gaan en staan waar hij maar wil en niemand bewaking nodig heeft. Paulus treedt hier op als beschermer van de Galaten! Waar zijn de beschermers van het geloof en de kerk van vandaag? Waar zijn de mensen die op de man af durven vragen hoe het leven van de gelovigen op dit moment eruit ziet? Waar zijn de mensen die durven vragen hoe echt het geloof in Christus is?
Denk niet dat deze vragen niet meer gesteld hoeven worden wanneer mensen tot geloof gekomen zijn. Juist dán mogen ze worden gesteld. Dit is niet vrijblijvend. Het is geen kwestie van mogen, maar van moeten.

4. Wetticisme is even dodelijk als losbandigheid
We hebben inmiddels een aardig beeld gekregen van de Galaten. Ze zitten gevangen in een wettisch leven. En een wettisch leven is even dodelijk als leven zonder wet. We moeten heel goed onthouden dat het aanscherpen van regels op zich nog helemaal niets zegt over de authenticiteit van iemands geloof. Dat iemands strenger omgaat met voedsel, kleding, taalgebruik, bezit van geld en goed of zich meer wijdt aan geestelijke oefeningen hoeft nog helemaal niet te betekenen dat zo iemand ook werkelijk tot geloof gekomen is. Uitwendige gedragsverbetering zegt niets over iemands geloof in Christus. Wat dan wel? Allereerst de houding naar Jezus Zelf toe. Paulus maakt zich ernstig zorgen over de Galaten en dat doet hij in dit gedeelte niet met het oog op losbandigheid, maar vanwege de strengere leefregels buiten Christus om!

5. Onderschat de inspanningen van evangelisten niet
Tot slot: leef je bij het lezen van vers 11 eens in Paulus in. Wat moet het voor hem hebben betekend dat de Galaten Christus hebben ingewisseld voor een armzalig, wettisch leven? Hij leefde voor het Evangelie! Hij wilde mensen het Goede Nieuws verkondigen van Hem Die onze plaats heeft ingenomen aan het kruis en overwonnen heeft door op te staan uit de dood; hij wilde mensen gered zien worden door het geloof in Christus; hij wilde nieuwe, geestelijke gezinsleden ontmoeten. Dat lijkt ook in de gemeenten van Galatië te zijn gebeurd. Maar door de tijd heen is er flink wat veranderd. Wat zou Paulus gedacht hebben? Niet alleen over de Galaten, maar ook over zijn eigen bediening? Zou hij vertwijfeld zijn geraakt? Ontmoedigd? In ieder geval zag hij bij de Galaten geen duidelijke vrucht van zijn verkondiging. Dit gedeelte laat heel duidelijk zien dat de prediking van het Evangelie een zaak van de lange adem is. Het kost inspanning, moeite. Het Evangelie is geen bijzaak, het is het centrum. Het centrum van ons leven en het centrum van onze verkondiging. Met het Evangelie in onze handen staan we bemoedigd door prachtige vruchten, maar ook vertwijfeld door het gebrek aan die vruchten. Toch mogen we weten dat de inspanning die we leveren, nooit tevergeefs zal zijn. Alleen al de boodschap zelf is het waard om door te geven!

Geen opmerkingen:

Een reactie plaatsen

Reageren? Plaats hier uw vraag en/of opmerking.

Blogarchief