SalvationInGod

zondag 15 april 2018

Aanbidding – overgave aan de God Die Zichzelf geeft (1)

Outline Woordverkondiging Psalm 66:1-4, uitgesproken op 15 april in Bruchem

Inleiding: Geliefde broeders en zusters in de Heere Jezus Christus, ik wil deze morgen met u kijken naar de eerste vier verzen van Psalm 66.
Ik had in gedachten om vanmorgen een preek te houden over de hele Psalm, maar omdat deze Psalm 20 verzen heeft en zó rijk aan inhoud is, heb ik er bewust voor gekozen dit niet te doen.

Voordat we met elkaar naar de eerste vier verzen van Psalm 66 gaan kijken, wil ik twee opmerkingen maken:
A. De eerste opmerking heeft betrekking op de Psalmen als literatuursoort. Psalmen zijn muzikale expressies van geloofservaringen zoals de auteurs deze weergeven. Het is ontzettend belangrijk om een Psalm niet op dezelfde manier te bestuderen als een brief van één van de apostelen. Het belangrijkste verschil tussen de Psalmen en de brieven in het Nieuwe Testament is dat de Psalmen hoofdzakelijk zijn geschreven vanuit de emoties en de brieven zich richten op het verstand. Dit betekent dat een Psalm is geschreven vanuit de ervaring die een psalmist op dat moment heeft óf die achter hem ligt en dat een brief is geschreven om te onderwijzen en instructies te geven. De schrijvers van brieven willen duidelijk een theologie overbrengen, dat erin moet resulteren dat deze gelovigen naar deze zuivere leer gaan leven. Een Psalm daarentegen is geschreven vanuit een ander motief: de psalmist stort zijn hart uit voor God en dat doet hij op papier. Dit is de reden waarom we in de Psalmen emotionele uitbarstingen kunnen vinden. Psalmisten durven de pijnlijke vragen te stellen – vragen die iedere gelovige wel eens in zijn hart vindt. Dit in tegenstelling tot een brief van bijvoorbeeld Paulus, die juist door zijn onderwijzende, aansporende en vermanende karakter minder plek lijkt te geven voor emotionele ervaringen waarin pijnlijke vragen spelen omtrent het lijden. Dit is niet omdat Paulus deze ervaringen of vragen als minderwaardig beschouwt, maar omdat zijn doel met het schrijven van zijn brieven anders is. Neem bijvoorbeeld Romeinen 8:18:

“Want ik ben ervan overtuigd dat het lijden van de tegenwoordige tijd niet opweegt tegen de heerlijkheid die aan ons geopenbaard zal worden.”

En dan denk je: “Nou, Paulus… Je zou eens naar mijn levensverhaal moeten luisteren! Je zegt me daar nogal wat!” Maar dit is nu juist het verschil tussen de Psalmen en de intentie van Paulus. Misschien kan ik dit verschil kort en bondig op de volgende manier samenvatten:

Psalmen halen de hoop van het Evangelie niet onderuit…
…en het Evangelie ontkent het geestelijke en emotionele leed van de Psalmen niet.

Toepassing: Wees hier goed van doordrongen, omdat het tegenover elkaar plaatsen van de Psalmen en de brieven kan leiden tot misleidende conclusies en dus tot een misleidende theologie. Het is niet zo dat het Nieuwe Testament puur rationeel is en daarom geen enkele ruimte biedt voor gevoelens en emoties; we lezen ook in het Nieuwe Testament over gevoelens. Andersom is ook niet zo dat, omdat de Psalmen vanuit emoties en ervaringen zijn geschreven, zij geen ruimte bieden voor verstandelijke kennis en logica. Kijk altijd naar het doel en het type literatuur van een Bijbelboek en je zult begrijpen waarom bepaalde accenten zijn gelegd.
We zullen in Psalm 66 zien dat onze gevoelens en emoties worden aangesproken en we kunnen uit de manier waarop de psalmist dit doet ook ontdekken wat zijn eigen emoties zijn wanneer hij dit opschrijft. Aanbidding van God gaat dus niet buiten ons gevoel om, maar betrekt juist ons gevoel in de aanbidding.
B. Dit brengt mij bij de tweede opmerking, namelijk het onderwerp van deze serie. De titel van de preek, en ook van de serie, luidt: Aanbidding – overgave aan de God Die Zichzelf geeft. Ik zeg bewust de God Die Zichzelf geeft en niet de God Die Zichzelf gegeven heeft (dus verleden tijd), omdat ik geloof dat Gods werk van verlossing tot op de dag van vandaag doorgaat en voltooid zal worden op de Dag dat Jezus Christus terugkomt in heerlijkheid.
Ik beschouw Psalm 66 vanuit twee sporen: God als Centrum van onze aanbidding – en onze motivatie en houding voor en tijdens aanbidding. Wie de schrijver van Psalm 66 is, weten wij niet. In het opschrift staat hierover niets vermeld. Wél kunnen we uit de Psalm zelf opmaken wat het doel van de schrijver is: anderen meenemen in oprechte aanbidding van God. Dit is de reden waarom ik bewust heb gekozen voor de titel Aanbidding – overgave aan de God Die Zichzelf geeft.

Een lied, een psalm, voor de koorleider.

Juich voor God, heel de aarde!
Zing psalmen voor Zijn heerlijke Naam,
geef Hem lof en eer.
Zeg tegen God: Hoe ontzagwekkend bent U in Uw werken!
Om de grootheid van Uw macht veinzen Uw
vijanden dat zij zich aan U onderwerpen.
Laat heel de aarde zich voor U neerbuigen en voor U psalmen zingen,
laat zij voor Uw Naam psalmen zingen. Sela

Kom en zie Gods daden;
ontzagwekkend is Zijn doen voor de mensenkinderen.
Hij heeft de zee veranderd in het droge;
zij zijn te voet door de rivier gegaan;
daar hebben wij ons in Hem verblijd.
Hij heerst eeuwig met Zijn macht,
Zijn ogen houden de wacht over de heidenvolken.
Laten de opstandigen zich niet verheffen. Sela

Loof, volken, onze God;
laat het geluid van Zijn roem horen,
Die onze ziel weer het leven geeft,
en niet toelaat dat onze voet wankelt.

Want U hebt ons beproefd, o God,
U hebt ons gelouterd, zoals men zilver loutert.
U had ons in het net gebracht,
U had een knellende band om ons middel gelegd,
U had de sterveling over ons hoofd doen rijden.
Wij waren in het vuur en in het water gekomen,
maar U hebt ons uitgeleid naar de overvloed.

Ik zal met brandoffers Uw huis binnengaan;
ik zal aan U mijn geloften nakomen,
die mijn lippen hebben geuit
en mijn mond heeft uitgesproken in mijn nood.
Brandoffers van mestvee zal ik U brengen,
samen met de offergeur van rammen;
ik zal runderen met bokken als offer bereiden. Sela

Kom, luister, allen die God vreest,
en ik zal vertellen
wat Hij aan mijn ziel gedaan heeft.
Ik riep tot Hem met mijn mond,
en Hij werd geroemd door mijn tong.
Had ik in mijn hart onrecht op het oog gehad,
de Heere zou mij niet hebben gehoord.

Voorwaar, God heeft naar mij geluisterd,
Hij heeft acht geslagen op mijn luide gebed.
Geloofd zij God, Die mijn gebed niet heeft afgewezen,
En Zijn goedertierenheid mij niet heeft onthouden.

Laat we het aangezicht van God zoeken en bidden om de werking van Zijn Heilige Geest.

Context: Psalm 66 vinden we in het tweede boek van de Psalmen. Dit zijn de Psalmen 42-72. We komen in dit boek veel klaagpsalmen en beschrijvingen van ellende tegen. We zien echter dat de Psalmen een meer gemeenschappelijk karakter hebben en daar is Psalm 66 een goed voorbeeld van.
Psalm 66 is een dankpsalm; de psalmist verwoordt zijn dankbaarheid voor de verlossing die God hem geschonken heeft. Het is mogelijk dat deze Psalm is gezongen tijdens het brengen van offers. Hierover wordt geschreven in vers 13-15. Er zijn ook op dit punt ook overeenkomsten met Psalm 65. Wanneer je Psalm 66 nauwkeurig bestudeert, zie je dat er een “trechterstructuur” in zit. Een trechter begint bovenaan breed en heeft onderaan een smal gat. Zo is het ook hier:

1. Vers 1-4 roept de hele schepping op God te aanbidden
2. Vers 5-12 roept Gods uitverkoren volk op Hem te aanbidden
3. Vers 13-20 beschrijft hoe de psalmist God persoonlijk aanbidt

Zoals gezegd, zullen we vanmorgen kijken naar de eerste vier verzen. Ik wil naar aanleiding van deze vier verzen stilstaan bij de volgende vier punten:

1. Gods heerlijke Naam (vers 1-2)
2. Gods ontzagwekkende werken (vers 3a)
3. Gods grote macht (vers 3b)
4. Gods eer bezongen (vers 4)

Ik had het net over twee sporen: God als Centrum van onze aanbidding en onze houding in en motivatie voor aanbidding. Je zou kunnen zeggen dat de eerste drie punten het eerste spoor volgen en het laatste punt inzoomt op het tweede spoor.

1. Gods heerlijke Naam (vers 1-2)
Wat meteen opvalt aan dit gedeelte, is dat God het Centrum is. God is de Persoon om Wie het allemaal draait:

“Juich voor God, heel de aarde!
Zing psalmen voor Zijn heerlijke Naam,
geef Hem lof en eer.”

Bij deze God-gecentreerde woorden moet ik denken aan een periode uit mijn leven, ongeveer vijf en een half jaar geleden. In die tijd was ik depressief en op een avond las Rolinda voor uit het boek God is het Goede Nieuws van John Piper. Ik kan mij niet meer herinneren wat ze precies heeft voorgelezen, maar ineens landde bij mij het besef dat God ons niet nodig heeft. Dit is misschien niet de meest opbeurende gedachte voor iemand met een depressie, maar bij mij had het een behoorlijke impact: “Oh! God kan doen wat Hij wil… Hij heeft ons niet nodig… Is het niet geweldig dat God niet afhankelijk is van ons?” In zo’n strekking vroeg ik dit aan haar.
Toepassing: Broeder, zuster, kunt u het zich voorstellen dat de gedachte dat God niet van jou afhankelijk is, bevrijdend werkt? Het gaat niet om ons, het gaat om Hem. Weet u wat een gevaarlijke frustratie kan worden in het christelijke leven? Zo denken en handelen dat je meent dat God niet meer om je heen kan. Hij móét iets met je. Je hebt het afgedwongen. Je bent toch gehoorzaam? Je bent toch trouw? Je verlangt er toch naar rein en zuiver te leven?
Dit alles is goed en volkomen Bijbels. Maar het gaat mis op het moment dat niet langer God het Centrum van ons leven is, maar onze aanbidding van Hem, onze gehoorzaamheid aan Hem, onze heiligmaking voor Hem.
Je zult gefrustreerd raken en teleurgesteld worden als jij jezelf als christen teveel serieus neemt. Het klinkt voor u misschien gek, maar uiteindelijk geloof ik dat we dit allemaal zullen ondervinden als we het niet zien en er niets aan willen veranderen. En ik bedoel uiteraard niet te zeggen dat u uzelf in het geheel niet serieus moet nemen; ik bedoel dat u met uw aandacht niet méér op uzelf gericht moet zijn dan op God.
Het begin van deze Psalm zet direct deze toon: “Je bent niet het doel, jij bent een verlost en geheiligd middel voor Gods doel. En Gods doel is de aanbidding van God.”
We lezen in deze eerste vier verzen maar liefst twaalf verwijzingen naar God. Met andere woorden: we lezen in elk vers gemiddeld drie keer een verwijzing naar God!
We lezen niet alleen een verwijzing naar “God” – alsof Hij een vaag, ongedefinieerd Persoon is. Nee, de psalmist reikt ons concrete handvaten aan, hoewel deze oppervlakkig gezien ook vaag lijken.
Als eerste lezen we van Gods heerlijke Naam. Gods Naam houdt nauw verband met Zijn karakter. We lezen in Exodus 34:5-7:

“Toen daalde de HEERE neer in een wolk, ging daar bij hem staan en riep de Naam van de HEERE uit. Toen de HEERE bij hem voorbijkwam, riep hij: HEERE, HEERE, God, barmhartig en genadig, geduldig en rijk aan goedertierenheid en trouw, Die goedertierenheid blijft bewijzen aan duizenden, Die ongerechtigheid, overtreding en zonde vergeeft, maar Die de schuldige zeker niet voor onschuldig houdt en de ongerechtigheid van de vaders vergeldt aan de kinderen en kleinkinderen, tot in het derde en vierde geslacht.”

Ziet u wat daar op dat moment gebeurde? God roept de Naam van God uit. God roept Zijn eigen Naam uit. Wij hoeven Gods Naam niet te definiëren, God openbaart Zichzelf aan ons!
Toepassing: De enige reden dat u en ik deze morgen God kunnen aanbidden, loven en prijzen – de enige reden dat wij met dankbaarheid kunnen denken aan alle werken die Hij in ons leven heeft gedaan, is dat Hij Zichzelf aan ons heeft geopenbaard. Laten we dan spreken en zingen van Zijn goedheid voor een volk dat eens in duisternis en zonde leefde, veroordeeld tot de eeuwige dood, zonder kennis van God! Dit is de grootste genade, gemeente – niet wij hebben God “uitgevonden”, maar God heeft Zichzelf geopenbaard!

2. Gods ontzagwekkende werken (vers 3a)
In vers 3 zien we als het ware de vrucht van Gods karakter: Zijn werken. We lezen:

“Zeg tegen God: Hoe ontzagwekkend bent U in Uw werken!”

Werken vloeien altijd voort uit iemands karakter. Zoals God is, zo handelt Hij. Je zou kunnen zeggen dat Gods karakter wordt bevestigd door Zijn werken.
Toepassing: Staat u er wel eens bij stil hoe nauw de relatie is tussen God en Zijn werken? Stel dat u in financiële problemen verkeert, en het is niet gegarandeerd dat u vanavond te eten hebt. En stel dat vanmiddag om half 2 de deurbel gaat. Het blijkt een goede kennis te zijn die eten overheeft en het spontaan met u komt delen. Wat zegt u dan? U zegt niet: “God heeft ons een heerlijke pan erwtensoep geschonken.” Nee, u zegt: “God is trouw.” Zo’n uitspraak laat zien dat Gods Naam geprezen wordt en dat Zijn Naam bevestigd wordt door het werk dat Hij voor u verricht heeft. De psalmist moedigt zijn lezers en hoorders te zeggen dat Gods werken ontzagwekkend zijn. God is ontzagwekkend! Hij is ontzagwekkend en dit wordt bevestigd door Zijn werken.
Toepassing: Zo werkt het in ons christenleven ook. Niet onze werken zijn het fundament van onze persoonlijkheid, maar ons karakter. Daarom is de heiligmaking ook een veranderingsproces van binnenuit. Wij moeten volkomen vernieuwd worden in ons verstand, wil en onze gevoelens. Als we buiten Christus zijn, niet in Hem geloven, niet met Hem zijn gestorven en opgestaan, geen eeuwig leven hebben ontvangen, dan betekent dit dat wij als persoon zijn vervreemd van God; als gevolg hiervan brengen wij niet de werken voort die blijk geven van Gods karakter. Wij zijn gemaakt om Gods volmaakte en morele eigenschappen te weerspiegelen!
Toepassing: Kunt u vanmorgen vertellen dat God ontzagwekkend is in Zijn werken? Waar kunt u van getuigen? Wat heeft Hij in uw leven gedaan? Vertel het maar aan de gemeente!

3. Gods grote macht (vers 3b)
In vers 3b zien we vervolgens hoe Gods werken getuigen van Zijn macht: zelfs Zijn vijanden zijn onder de indruk:

“Om de grootheid van Uw macht veinzen Uw
vijanden dat zij zich aan U onderwerpen.”

Blijkbaar zien ook Gods vijanden – ongelovigen, mensen die niets van Hem willen weten, die niet voor Hem willen buigen, die Hem niet willen aanbidden – Zijn macht en doen zij alsof zij zich aan Hem onderwerpen.
Toepassing: De vraag is echter hoe dit zichtbaar wordt. Er zijn genoeg mensen in de geschiedenis geweest – en ze zijn er ook nu – die zich agressief hebben opgesteld ten opzicht van God. Dictators onderdrukken hun onderdanen. Wie niet wil volgen in het juiste spoor, wordt een kopje kleiner gemaakt. Hoe kan de psalmist hier dan schrijven dat Gods vijanden zich – hoewel niet vrijwillig – onderwerpen aan Zijn heerschappij?
Ik geloof dat de psalmist hier enerzijds gebruikmaakt van spot en ironie, waarmee Hij Gods macht wil benadrukken. Uiteindelijk is dit de boodschap die Hij wil overbrengen: “God is zó machtig, dat als Zijn vijanden Zijn kracht werkelijk ondervinden, zij liever in schijnheiligheid gehoorzaam zijn aan Hem, dan dat zij openlijk tegen Hem in gaan.”
Anderzijds geloof ik dat de psalmist hier een profetische uitspraak doet – een profetische uitspraak die zichtbaar wordt in de woorden van de apostel Paulus in Filippenzen 2:8-11:

“En in gedaante als een mens bevonden, heeft Hij Zichzelf vernederd en is gehoorzaam geworden, tot de dood, ja, tot de kruisdood. Daarom heeft God Hem ook bovenmate verhoogd en heeft Hem een Naam geschonken boven alle naam, opdat in de Naam van Jezus zich zou buigen elke knie van hen die onder de hemel, en die op de aarde, en die onder de aarde zijn, en elke tong zou belijden dat Jezus Christus de Heere is, tot heerlijkheid van God de Vader.”

Toepassing: Houd moed, broeders en zusters! Er komt een Dag, waarop alle vijanden van God gedwongen worden over te gaan tot capitulatie. Zij zullen met wanhoopskreten en met de handen in de lucht uitroepen: “Wij geven ons over!” Met hun handen zullen zij hun gezicht bedekken, wetend dat zij een verloren strijd hebben gestreden. God zal komen naar deze schepping, broeders en zusters. En Hij zal komen om in Zijn indrukwekkende macht iedereen te onderwerpen aan Zijn heerschappij – of iemand het nu leuk vind of niet, of iemand het nu vrijwillig doet of niet, of iemand het nu speelt of niet: iedereen zal buigen voor Koning Jezus!
Toepassing: Als u God nog niet kent in Christus, als u nog niet bent verzoend met God door het lijden, sterven en de opstanding van Jezus Christus, als Christus op dit moment niet uw Advocaat is, maar uw Strafpleiter, dan roep ik er u deze morgen toe op tot Hem te gaan. Deze God, Die Zichzelf heeft bekendgemaakt als “barmhartig en genadig, geduldig en rijk aan goedertierenheid en trouw, Die goedertierenheid blijft bewijzen aan duizenden, Die ongerechtigheid, overtreding en zonde vergeeft” heeft dit heilige gebod doen klinken. En u zegt misschien: “Ik weet niet of ik kan of mag komen.” Lees dan nog eens de tekst in Exodus. Kijk goed naar de manier waarop God Zichzelf bekendmaakt. Is het eerst Zijn gerechtigheid? Zijn heiligheid? Zijn oordeel? Nee, de manier waarop God Zijn Naam bekendmaakt aan Mozes openbaart juist Zijn verlossende karakter. Hij nodigt u uit tot verlossing – óók vanmorgen.
Toepassing: Het kan zijn dat u dit hoort en denkt: “Ik wil niet buigen voor God. Ik wil niet capituleren. Ik wil zoveel mogelijk van dit leven genieten. Misschien kan ik God wel goed gebruiken voor de vervulling van specifieke verlangens, maar om mijn hele leven te onderwerpen aan Zijn heerschappij – dát gaat me te ver. Laat mij dan dit zeggen: u bent gewaarschuwd. U hebt gehoord van Gods vergevende, geduldige karakter. U hebt geweten dat Hij u uitgenodigd heeft om in en door genade ontvangen te worden, omwille van het onovertroffen verlossingswerk van Jezus Christus. Waarom zou u dertig, veertig, vijftig of zestig jaar Zijn goedheid en genade verwerpen, om voor eeuwig onderworpen te zijn aan Zijn toorn? Is dit het waard? Waarom maakt u het niet deze morgen in orde met Degene Die u gemaakt heeft en Die Zelf heeft aangekondigd in Zijn macht u te onderwerpen? Met uitstel wint u niets! Kom dan nu tot deze verlossende God, deze vergevende God, deze barmhartige en genadige God, door Jezus Christus, de Heere!

4. Gods eer bezongen (vers 4)
Ik heb nu het eerste spoor met u bewandeld: het God-gecentreerde karakter van de Psalm. Nu het andere spoor: onze motivatie voor en houding in onze aanbidding van God. Zie de overeenkomsten tussen vers 1 en vers 4:

Juich voor God, heel de aarde!
Zing psalmen voor Zijn heerlijke Naam,
geef Hem lof en eer.
(vers 1)

Laat heel de aarde zich voor U neerbuigen en voor U psalmen zingen,
laat zij voor Uw Naam psalmen zingen. Sela
(vers 4)

Wat leert dit gedeelte nu over onze aanbidding van God? Het geeft ons twee fundamentele kenmerken van oprechte aanbidding:
A. Lofliederen zijn gericht op God. Gemeente, als wij liederen zingen tijdens de samenkomst of eredienst, dan moeten dit liederen zijn die ons richten op God. Wij moeten vol vreugde, vol blijdschap uitdrukken en verwoorden Wie God is en wat Hij voor ons heeft gedaan in Jezus Christus. De Gemeente van Jezus Christus is niet geroepen om haar aanbidding van God te aanbidden. Wij zijn geroepen God te aanbidden en dat betekent dat wij zingen over Hem, en elkaar, in gehoorzaamheid aan de woorden van Paulus in Efeze 5:19 en Kolossenzen 3:16, te onderwijzen en terecht te wijzen door middel van psalmen, lofzangen en geestelijke liederen. Het fragment uit Filippenzen 2, dat ik net citeerde, is hoogstwaarschijnlijk een vroegchristelijke lofzang. En zie hoe Christus daar schittert als Middelpunt!
B. Lofliederen die zijn gericht op God, hebben een gevoelsdimensie. Als tweede zien we dat oprechte aanbidding van God ook een gevoelsdimensie kent. Onze emoties zijn erbij betrokken. Het moet nogal vreemd zijn een “verheugend” of “juichend” volk te zien dat koeltjes staat te zingen. Let op het woord dat emotionele expressie aanduidt: “Juich!” Zoals ik aan het begin van de preek al aangaf, zijn Psalmen vanuit de emotie geschreven. Hier is duidelijk spraken van blijdschap, extase. De psalmist is zó opgetogen, zo blij met Gods verlossingswerken in zijn leven, dat hij de hele gemeenschap van gelovigen wil laten delen in deze ervaring.
Toepassing: Gemeente, ik hoop dat u ziet waarom ik ervoor gekozen heb eerst het spoor van God-gecentreerde aanbidding te volgen en onze ervaring in de aanbidding voor nu heb bewaard. Dit hoort de volgorde te zijn: eerst God, dan wij. Eerst Zijn werken, dan onze ervaring. Eerst kennis van Zijn Naam en werken, dan het gevoel van dankbaarheid en verwondering. Eerst Gods werken, dan de onze.
Toepassing: Ik hoor nog wel eens de term “wilsbesluit” klinken. Mensen willen hiermee aangeven dat als hun gevoelens of emoties niet op één lijn liggen met dat wat God van hen vraagt, zij hier bewust tegenin moeten willen gaan. Dit wordt een wilsbesluit genoemd. Ik wil hier toch een kanttekening bij plaatsen. Zo simpel als het lijkt, is het niet.
Emoties en gevoelens zijn complex. Iemand die intens verdriet ervaart over een specifieke gebeurtenis, kan lang huilen. Je kunt dit niet doorbreken door het nemen van een wilsbesluit. Iemand die blij en dankbaar is, kan niet met een wilsbesluit worden gedwongen verdriet te ervaren. Onze emoties en gevoelens worden beïnvloed door verschillende factoren. Onverwachte, schokkende gebeurtenissen zullen dan ook zeker zorgen voor een schokeffect in ons gevoelsleven. Sommige gebeurtenissen zorgen daarom voor ontlading en extase, waar andere grootse paniek, schrik en diep verdriet teweeg kunnen brengen. Op zo’n moment kun je willen wat je wilt, maar wat je werkelijk nodig hebt, is wat de psalmist hier aanreikt: een heerlijke indruk van Wie God is en wat Hij heeft gedaan in Christus. Emoties worden gevormd door de indrukken die wij krijgen. Ik spreek daarom liever niet van een wilsbesluit – hoewel ik de intentie en uitleg van het begrip snap – maar van indrukken. Het is juist zo kenmerkend voor Psalmen waarin heftige vragen aan God worden gesteld, waarin de pijn en het lijden van het leven wordt verwoord, dat de auteurs op dat moment deze heerlijke indruk van God missen! En dat willen zij nu juist niet. Zij willen dat God – menselijk gesproken – opstaat, Zichzelf openbaart en bewijst. Dán pas hebben zij weer reden tot juichen.
Toepassing: Voor hen die worstelen met emoties en heftige schommelingen in het gevoelsleven, zou ik willen adviseren om de komende tijd de opdracht van de psalmist ter harte te nemen en dit als vast onderdeel in jouw leven te integreren. Maak er – door de kracht van de Heilige Geest – een doel en verlangen van om God te zien in schepping en verlossing. Denk na over Zijn weg met jou in dit leven. Denk veel na over het verlossingswerk dat de Heere Jezus voor jou heeft volbracht. Denk na over wat God jou allemaal heeft geschonken. Denk na over die momenten dat je de mogelijkheid had om God vaarwel te zeggen, maar dat Hij jou met onpeilbare genade hiervoor heeft bewaard.
Toepassing: Wees niet obsessief met je gevoelens bezig. Analyseer niet elk gevoel. Wees niet gericht op “jouw goede gevoel”, maar op de goedheid van God. Het geheim van Bijbelse aanbidding is dat wij niet uit onszelf een goed gevoel hoeven op te wekken, maar dat God eerst Zijn goedheid aan ons toont, en dat wij door het zien van die goedheid verwonderd en dankbaar reageren op dat wat Hij ons heeft gegeven. Wij geven terug aan wat God ons heeft gegeven. Je zou dit de kern van aanbidding kunnen noemen: aanbidding is het in overgave teruggeven aan God wat God aan jou heeft gegeven.

De Amerikaanse theoloog David Wells merkt in zijn boek God in the Whirlwind op:

“Aanbidding is noodzakelijk voor de Kerk, net zoals het noodzakelijk is voor het lichaam om adem te halen. En toch aanbidden wij niet om er zelf voordeel mee te behalen. Voordelen zijn er, en er is vreugde in aanbidding, maar wij aanbidden om onze lofprijs tot God te brengen – voor Wie Hij is en wat Hij heeft gedaan. Wat Hij heeft gedaan in de tijd, ruimte en geschiedenis verklaart allereerst waarom er een Kerk bestaat om Hem te aanbidden. Dat er een Kerk is betekent dat deze lofprijzing opstijgt naar Hem, van degenen die weten hoezeer zij Hem nodig hebben. Het is hun vreugdevolle erkenning van Gods ‘waardigheid’.”

God in the Whirlwind, bladzijde 215 (eigen vertaling)

Ik bid u van harte toe dat God Zichzelf aan u als gemeente blijft geven, en dat u als antwoord op Zijn geven teruggeeft wat Hem toekomt: de lof en de eer, in verkondiging en zang!

Amen.





Geen opmerkingen:

Een reactie posten

Reageren? Plaats hier uw vraag en/of opmerking.

Blogarchief